Die Friezen zijn niet politesse, zij slaan met kolven en steke met messe.

Gesneuvelden en in hospitalen overleden militairen

Aan de krijgsverichtingen van 1830/1831 hebben ongeveer 4.000 Friese schutters en een onbekend aantal andere Friese militairen deelgenomen. Hoeveel en welke Friese schutters en andere militairen zijn gesneuveld tijdens de krijgsverrichtingen van 1830/1831 is niet bekend. Van militairen in de Nationale Militie is dat waarschijnlijk na te gaan in het stamboek van het desbetreffende legeronderdeel aanwezig in het Nationaal Archief te Den Haag. Zoals reeds aangehaald werd als in de Franse periode van de gesneuvelden niet of nauwelijks een  overlijdensakte opgemaakt. Dit in tegenstelling tot het overlijden in een hospitaal. 

Een goed voorbeeld daarvan zijn de gebroeders Rispens die dienden in de 4e compagnie van de het 2e bataljon van de 1e afdeling Mobiele Friese Schutterij. Zij namen deel aan het gevecht te Kermpt op 7 augustus 1831. Jelle Jans Rispens werd daarbij zodanig gekwetst dat hij nog dezelfde dag in het ambulant hospitaal overleed. Zijn broer Taede Jans Rispens werd eveneens in dit gevecht gekwetst doch overleed pas op 3 februari 1832 in het hospitaal te 's Hertogenbosch. Van Taede Jans Rispens is het afschrift van de overlijdensakte aanwezig in de Burgerlijke Stand van de gemeente Franekeradeel. Van het overlijden van zijn broer Jelle Jans werd geen overlijdensakte gevonden.

Een opvallende overlijdensadvertentie in de Leeuwarder Courant van 20 september 1831 is die van de schutter Klaas Berends Miedema. 

"In een gevecht bij Kermpt op 7 augustus j.l. werd gewond mijn zoon Klaas Miedema, uitgetrokken als schutter van het dorp Hogebeintum, grietenij Ferwerderadeel, waardoor hij aan zijn bekomene verwondingen den anderen dag overleed. Hier meer gekwetsten bij tegenwoordig, vielen aanstonds op het denkbeeld, dat hij geld bij zich had, waarop de braafheid van Homme Camminga ( mede als schutter de grietenij Ferwerderadeel en   gewond) uitblonk, welke zeide, dit keur ik af, maar ik vind mij verpligt, als kameraad dit geld aan zijnen vader te bezorgen, welke een behoeftig man is; gelijk Homme Camminga op den 15 September j.l. in eigen persoon zulks ook gedaan heeft, bedragende de som van f. 16.50.

Ik meende niet te kunnen nalaten deze eerlijke en getrouwe daad aan het publiek bekend te maken en hier mijn opelijken dank en hulde aan Camminga te betuigen.

Hogebeintum, den 18 september 1831.

B.K.Miedema"

Van het overlijden van Klaas Berends Miedema werd eveneens geen akte in de gemeente Ferwerderadeel gevonden.    

In lang niet alle gevallen van overlijden van een militair in een hospitaal werd trouwens een afschrift van de overlijdensakte gezonden naar de gemeente waar de overledene zijn domicilie had. Een voorbeeld daarvan is de gemeente Eindhoven waar een aantal akten van in het hospitaal aldaar overleden Friezen werd aangetroffen zonder dat daarvan een afschrift aan de gemeente van inwoning werd gezonden.